Tussenkomst plenaire vergadering Mobiliteit en Openbare Werken

Door Paul Van Miert op 2 januari 2018, over deze onderwerpen: Mobiliteit en openbare werken

Hierbij leest u mijn tussenkomst in de plenaire vergadering van woensdag 20 december voor Mobiliteit & Openbare Werken:

 

"Minister, collega’s, ik heb twee onderwerpen uitgekozen vanuit de commissie Mobiliteit, namelijk de verkeersveiligheid en de daarbij horende handhaving, maar ik begin graag bij onze transportsector en onze logistieke sector, want het uitrollen van de kilometerheffing voor vrachtwagens is toch een belangrijke verwezenlijking geweest in deze legislatuur. Onder het motto ‘de gebruiker betaalt’ dragen nu ook buitenlandse gebruikers en transporteurs bij aan de kost van ons hele mobiliteitsplaatje.

We hebben een aantal weken geleden een eerste evaluatie van die heffing gehad, vanuit het Departement Mobiliteit en Openbare Werken (MOW). En daaruit blijkt dat we niet echt een algemene lijn kunnen trekken, dat er niet echt een grote verschuiving is op Vlaams niveau sinds we de kilometerheffing hebben ingevoerd.

Er waren natuurlijk wel wegen waar er sprake was van een significante stijging van het aantal vrachtwagens. Die wegen worden vanaf 1 januari 2018 opgenomen in dat uitgebreide tolnetwerk. Daar waar de stijging niet verklaard kon worden op basis van de uitgevoerde tellingen, wordt aangeraden om een herkomst- en bestemmingsanalyse uit te voeren, zodat de kilometerheffing verder kan worden getuned, geoptimaliseerd.

Minister, met betrekking tot de kilometerheffing voor de transporteurs ben ik vooral tevreden met de komst van het variabele boetesysteem: niet meer 1000 euro voor elke overtreding, maar een bewust onderscheid tussen de sjoemelaars die het echt met opzet hebben gedaan en de overtreders die het niet opzettelijk hebben gedaan. Dat is een duidelijke variabele in het boetetarief. Daarnaast is er eindelijk de opstart van de flankerende maatregelen , met de herinvesteringen van de opbrengsten van de kilometerheffing. Arbeidsmaatregelen, opleidingsmaatregelen en vooral het subsidiesysteem voor verkeersveilige apparatuur zijn meer dan welkom bij de transporteurs. Daarbovenop wordt nog eens 100 miljoen euro van de opbrengsten van de kilometerheffing geïnvesteerd in weginfrastructuur.

Minister, u en de Vlaamse Regering engageren zich dus duidelijk ten aanzien van de transport- en logistieke sector in Vlaanderen. Daar zijn we zeer tevreden mee.

Minister, ik wou in verband met die sector nog uw aandacht vragen voor een drietal punten. Eerst en vooral moeten er verder oplossingen voor het schrijnend tekort aan chauffeurs worden aangereikt, en dan denk ik vooral aan chauffeurs uit onze eigen arbeidsmarkt. Daarnaast moet er een verdere implementatie zijn van een Europese on-boardunit (OBU) zodat we een situatie bereiken waar het technisch, commercieel en wettelijk mogelijk is om alles compatibel te maken, een soort van interoperabiliteit van alle OBU’s, zodat wij de data kunnen krijgen uit de andere kastjes die worden gemonteerd en dus niet alleen uit de OBU’s van Satellic.

En dan ten derde, minister, iets wat mij zelf na aan het hart ligt: het uitdragen van de reputatie van onze Vlaamse ondernemers als het gaat over logistiek en transport. In uw beleidsbrief omschrijft u Vlaanderen als topregio inzake logistiek. Ik zou van deze gelegenheid gebruik willen maken om nog eens het belang te benadrukken van de profilering van deze sector. Ik kan alleen maar vaststellen dat in onze buurlanden het volledige pakketje soms iets beter is ingepakt. Vooral onze Nederlandse collega’s zijn daar heel goed in, wanneer zij hun bedrijven in de logistieke sector promoten in het buitenland. U hebt aangekondigd dat een aantal generieke initiatieven zullen worden voortgezet en dat er nieuwe inspanningen komen om hiertoe een bijdrage te leveren. Het is mijn persoonlijke overtuiging dat we hier voluit moeten gaan. Vlaanderen is een topregio op vele vlakken, maar vooral op logistiek vlak. We moeten daar zeker sterker mee naar buiten komen.

Ik wil het tot slot nog even hebben over verkeersveiligheid en de daarbij horende handhaving. Minister, u gaat duidelijk voor een vooruitstrevend verkeersveiligheidsbeleid en u schuwt hierbij, ondanks alle kritiek, geen onpopulaire maatregel. Ik denk aan de  trajectcontroles en heel recent nog de mobiele trajectcontrole. U hervormde de rijopleiding. De waarschijnlijk minst populaire maatregel die u nam, was de snelheidsmaatregel van 70 kilometer per uur op onze gewestwegen buiten de bebouwde kom.

Minister, het beleid dat u en de Vlaamse Regering voor de verkeersslachtoffers hebben uitgetekend, heeft zijn vruchten afgeworpen. We zijn er nog lang niet. Elk slachtoffer is er natuurlijk een te veel, maar ik vertrouw erop dat we op de goede weg zijn en dat de vooropgestelde halvering tegen 2020 haalbaar is."

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is